De (on)zin van 21st century skills

Japke-d. Bouma schreef eerder in NRC over de top 6 tot en met 10 van jeukjargon uit het onderwijs. In deze blog schreef ik wat ik daarvan vond. In het vervolg op dit artikel staat de top 5 van onderwijsjargon. Met stip op 1: de 21st century skills. En terecht. Dat ik dat vind ligt vooral aan de term. Het is niet dat 21st century skills niet belangrijk zijn. Integendeel.

Waarom zijn 21st century skills belangrijk?

De maatschappij verandert door technologie en digitalisering. Er komen nieuwe banen, nieuwe vormen van samenwerken en nieuwe technologieën. Die bepalen hoe de arbeidsmarkt en het leven er straks uitzien voor leerlingen die nu op school zitten. Daarbij is het probleem dat we nu eigenlijk nog geen idee hebben wat dat precies inhoudt en wat leerlingen daarvoor moeten kennen en kunnen. Dit betekent dat we hen nu opleiden voor banen die er nu wel zijn, maar straks misschien niet meer, en voor banen waarvan we nu nog geen idee hebben dat die er gaan komen. Dat is een beetje lastig opleiden. Het idee is daarom om leerlingen algemene vaardigheden bij te brengen, waarmee ze zich straks kunnen handhaven in het veranderende werkende leven. Die algemene vaardigheden staan bekend onder de naam 21st century skills.

“De (on)zin van 21st century skills” verder lezen

Zo’n onderwijskundige die er niets van snapt

Ik lees de artikelen van Japke-d. Bouma graag. Voor NRC onderzoekt hij ‘het nut van jeukjargon en managementmethodes’. Deze keer sprak hij met de leraar van het jaar 2017 over jargon in het onderwijs. Ik verwachtte een artikel dat ik zou herkennen en waar ik om zou moeten lachen, want ik weet ook wel dat er vreselijk jargon is. In plaats daarvan werd ik er een beetje boos van. Vooral omdat de oorzaak gelegd wordt bij ‘zo’n onderwijskundige die er niets van snapt’. Boos worden is natuurlijk zonde van de energie. Het leek me daarom een goed idee om dat van me af te schrijven.

Moedeloos van alles wat ‘moet’

Laat ik beginnen met dat ik een aantal dingen echt wel herken en begrijp dat je moedeloos wordt van alle dingen die ‘moeten’ en die bedacht zijn door anderen, die in jouw ogen te ver af staan van het onderwijs. Zeker omdat veel van die dingen er als extra bij komen en je dan maar moet zien hoe je dat voor elkaar krijgt. Emeritus hoogleraar Nederlandse geschiedenis Piet de Rooy  zegt hier zinnige dingen over in dit artikel in Trouw.

“Zo’n onderwijskundige die er niets van snapt” verder lezen