Formatief toetsen in het schaatsen

Zo vlak voor het einde van het schaatsseizoen, kan deze blogpost nog net… Ik weet niet beter of je hoort te kunnen schaatsen. Voor mijn ouders hoorde dat bij de opvoeding. Als baby ging ik al in de kinderwagen mee over het ijs. Later ging ik op schaatsles. Daar leerde ik spelenderwijs de techniek. Bijna ongemerkt ging ik steeds beter en sneller schaatsen. Ik vond het vooral erg leuk en heb ook nu nog profijt van wat ik toen geleerd heb.

Voor topschaatsers gaat dat proces net wat anders. Leren en jezelf verbeteren is een veel bewuster proces. Dat moet, want het kunnen de kleinste veranderingen in techniek zijn die het verschil maken tussen jou en je concurrent, tussen winst en verlies en tussen een baanrecord of niet. Eén van de succesvolste schaatscoaches is Jac Orie. Vanaf 2002 pakten zijn schaatsers tijdens elke Olympische Spelen wel één of meer gouden plakken. Jac Orie heeft een wetenschappelijke achtergrond en gebruikt die in de topsport. Alles wordt gemeten, data worden opgeslagen en van daaruit wordt verder gedacht.  Hij zegt: ‘Het is eigenlijk trainen, testen, trainen, testen, trainen en testen; een soort cirkel. En in die cirkel staat leren.’ Feitelijk is wat hij doet een vorm van formatief toetsen.

“Formatief toetsen in het schaatsen” verder lezen